Een dure les

Toen ik een paar jaar geleden eindelijk eens een beetje geld begon te verdienen met dat freelancen van me durfde ik het ook aan om mijn Italië-vakanties iets te upgraden. Eerst zat ik altijd in de allergoedkoopste Airbnb, at ik geregeld apericena bij de ene wijnbar in het dorp waar je prosecco steevast van een gigantische hoeveelheid heerlijke én gratis hapjes wordt voorzien, en was ik de gehele vakantie zoveel mogelijk bezig met alles zo budget mogelijk te doen.

Maar na wat voelde als een miljoen jaar ploeteren kwam er dan heel langzaam maar zeker toch éindelijk een beetje geld binnen – en dat bracht ik direct naar Italië. Zo was er de vakantie dat ik in plaats van alleen in een klein appartementje in mijn kustdorp te slapen, eerst een paar dagen een hotel in Monterosso boekte. Ik zat die week in een best mooi hotel, en mijn budgettip voor hotels is: boek liever de kleinste kamer in een (enigszins) goed hotel, dan de grootste kamer in een kuthotel. Mijn kamer (een soort schoenendoos met een eenpersoonsbed) zat pal boven een pleintje waar al vroeg in de ochtend de lokale nonna’s verzamelden om de buurtroddels door te nemen dus elke ochtend werd ik wakker met het geklep en gekakel van Italiaanse vrouwtjes, de beste wekker die een mens zich kan voorstellen, en nog gratis ook.

Toen ik incheckte bij dat hotel vroeg de vrouw achter de balie of ik al plannen had, en tips nodig had. Nou, zei ik, ik wil mezelf de laatste avond dat ik hier ben graag trakteren op een mooi restaurant. Daar wist ze wel raad mee, en ze adviseerde me een tafel te boeken in het restaurant dat bij het mooiste en duurste hotel van het dorp hoort. Wat hoger op de berg, het keek uit op de baai, ik had het vanuit de zee al wel eens zien liggen en het leek me inderdaad wonderschoon, maar onbereikbaar want onbetaalbaar. Ristorante La Terrazza heette het. Ik belde voor een tafel, dat kon, ook op het terras, en het grote verheugen kon beginnen.

De laatste avond was het dan zo ver, ik ging gepoetst en wel die kant op, mentaal helemaal voorbereid om mezelf te trakteren en de rekening voor lief te nemen. Eenmaal daar was het hele terras nog leeg, en het uitzicht mooier dan ik ooit vanaf beneden had kunnen voorstellen. Ik melde me bij de sjieke gastheer in pak, hij zei ‘si signora follow me’ en samen liepen we richting terras met uitzicht, sloegen er vlak van tevoren rechtsaf, liepen door, weg van het terras, en nog verder weg, totdat we bij een klein tafeltje aan kwamen, tegen de buitenmuur van het hotel, onder waar de afzuiginstallatie van de keuken naar buiten kwam. ‘This is your table signora.’

Ik kón werkelijk niet verder af zitten van het uitzicht, nog nooit eerder in mijn soloreizende leven was ik zo ver weg gepropt, het voelde als je reinste single shaming. Of ik niet een van díe tafels mocht, vroeg ik. Die waren allemaal gereserveerd, helaas. Teleurgesteld, beledigd, verbouwereerd en ontgoocheld bladerde ik door het menu. Pasta’s voor bedragen waar ik normaal een hele dag van kon leven, wijn drie keer zo duur als beneden, de keuken die stoomde en rookte allemaal pal achter me. Ik had weg moeten gaan, maar durfde dat niet, bestelde een pasta die ook nog eens naar niets bleek te smaken. Alle mooie tafels bleven leeg gedurende de tijd dat ik er zat, en ik kon niet wáchten tot ik weer gewoon bij mijn eigen vertrouwde wijnbar zat met gratis hapjes en een prosecco van vijf piek. Zo zie je maar, de écht waardevolle dingen kosten meestal juist het minst.

Project Italiaanse droom

« L’Episodio precedente